CTA arrow

Wat is de werking van Prednisolon?

Terug naar Prednisolon

Ik gebruik prednisolon en ik wil graag weten wat de werking daar van is en wat zijn de bij bijwerkingen?

Antwoord van de apotheker

Prednisolon is een bijnierschorshormonen, ook wel corticosteroïd genoemd. Natuurlijke bijnierschorshormonen remmen ontstekingen en overgevoeligheidsreacties en zijn nodig voor het vrijmaken en opslaan van energie, mineralen en zouten. Prednisolon wordt toegepast bij zeer veel aandoeningen, waarbij ontstekingsverschijnselen een rol spelen, zoals astma, chronisch obstructieve longziekten, reuma, multiple sclerose (MS), lupus erythematodes (LE), bepaalde bloedziekten, de darmziekten colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn, allergische reacties en lepra. Verder werkt het tegen sommige vormen van kanker en tegen de ernstige misselijkheid die kan ontstaan bij chemotherapie. In combinatie met andere geneesmiddelen wordt het ook vaak toegepast bij het voorkomen van afstotingsreacties na orgaantransplantaties. Ook wordt het gebruikt als substitutietherapie om een tekort aan lichaamseigen bijnierschorshormonen te vervangen, zoals bij de bijnierziekten de ziekte van Addison en ziekte van Cushing. Behalve het gewenste effect kan dit middel bijwerkingen geven. De kans op deze bijwerkingen hangt af van uw eigen gevoeligheid voor deze bijwerkingen, de hoeveelheid prednisolon die u gebruikt en de lengte van de behandeling. In het algemeen geldt het volgende. Bij een behandeling van een tot twee injecties en bij substitutietherapie heeft u weinig kans op bijwerkingen. Bij een stootkuur gebruikt u gedurende enkele dagen tot weken een hoge dosering van 30 mg tot 80 mg prednisolon. De bijwerkingen die u daarbij ervaart, zijn in het algemeen niet gevaarlijk of schadelijk, soms wel lastig of vervelend. Bij langdurig gebruik gaan de meeste bijwerkingen na enkele dagen tot weken over, als u aan het middel gewend bent geraakt. Na enkele weken gebruik heeft u wel kans op bijwerkingen die optreden bij langdurend gebruik. Dit is ook het geval bij kortdurende behandelingen met doseringen vanaf 30 mg die vaak herhaald worden. Bijvoorbeeld vaker dan vier keer per jaar. De belangrijkste bijwerkingen die kunnen voorkomen, zijn de volgende. Meteen vanaf het begin van de behandeling soms: maag- of darmklachten. Het innemen vlak voor of tijdens de maaltijd kan deze klachten voorkomen. De maag- en darmwand kunnen gevoeliger zijn, waardoor eerder maag- en darmzweren ontstaan. Overleg voor gebruik met uw arts als u een recent een maag- of darmzweer heeft gehad of die nu nog heeft. Eventueel kan uw arts een maagzuurbeschermend middel voorschrijven. tijdelijke veranderingen in gevoel en stemming, die per persoon kunnen verschillen. Men kan energieker, prikkelbaar, rusteloos, angstig of agressief worden, maar ook neerslachtig, futloos of vermoeid. Overleg voor gebruik met uw arts als u depressief bent of hiervoor behandeld wordt. Mocht u veel last hebben van stemmingsveranderingen, vraag dan uw arts om advies. Mogelijk kan de dosering enigszins worden verlaagd. Bij slaapproblemen door rusteloosheid kan het helpen het middel in één keer vroeg op de dag in te nemen. omdat bijnierschorshormonen de aanmaak en afbraak van koolhydraten beïnvloeden, kunnen bij mensen die daarvoor gevoelig zijn, verschijnselen van diabetes (suikerziekte) ontstaan. Zij merken dit doordat zij veel dorst krijgen en veel moeten plassen. Dit kan vooral optreden bij mensen boven de 75 jaar. Mensen met diabetes kunnen tijdens de behandeling meer insuline of bloedsuikerverlagende tabletten nodig hebben. Meet extra vaak uw bloedglucosegehalte. slecht genezende wonden en meer kans op infecties met bacteriën, virussen of schimmels. Start de behandeling niet, als het enigzins kan, als u last heeft van aandoeningen die zijn veroorzaakt door infecties van bacteriën, schimmels of virussen. Als de infectie uit de hand loopt heeft u dat niet in de gaten, omdat bijnierschorshormonen ontstekingsverschijnselen, zoals roodheid en zwelling, tegengaan. Mocht zich een infectie tijdens het gebruik voordoen, bespreek dan met de arts wat u moet doen. Neem in elk geval contact op bij plotseling opkomende ontstekingen, bij ontstekingen in of rond het oog en bij een ontstekingen waarvan u weet of vermoedt dat deze door een virus is veroorzaakt. overleg met uw arts als u gevaccineerd moet worden, bijvoorbeeld tegen tropische ziekten. Mogelijk reageert uw lichaam onvoldoende op de inenting. raadpleeg uw arts als u een wond heeft die slecht geneest. een verhoogde bloeddruk kan ontstaan bij personen die daarvoor gevoelig zijn. Overleg voor gebruik met uw arts als u een hoge bloeddruk heeft of hiervoor behandeld wordt. een verhoogde oogboldruk kan ontstaan bij personen die daarvoor gevoelig zijn. Overleg voor gebruik met uw arts als u een verhoogde oogboldruk (glaucoom) heeft, terwijl deze niet wordt behandeld door de oogarts bij sommige vrouwen blijft de menstruatie uit tijdens de behandeling. u kunt last krijgen van spierzwakte en vermoeidheid. Mensen met de spierziekte myasthenia gravis kunnen extra last van hun aandoening krijgen. Overleg hierover met uw arts. oedeem. Dit merkt u vooral aan opgezwollen enkels en voeten. Mensen die al last van oedeem hebben, bijvoorbeeld door hartfalen zijn hier extra gevoelig voor. Overleg daarom voor gebruik met uw arts als u hartfalen of oedeem heeft. Na gebruik van meer dan drie weken De volgende bijwerkingen treden meestal niet op bij hoeveelheden van minder dan 7 mg per dag. Sommige mensen worden dikker door de veranderde opbouw en afbraak van vet, door toename van de eetlust en door het vasthouden van vocht. Het is vaak nodig de eetgewoontes aan te passen om het gewicht op peil te houden. Een diëtist kan u daarbij helpen. Vraag uw huisarts om een verwijzing. Regelmatig krijgen mensen een opgezwollen gezicht. Dit is voor velen een belangrijk nadeel van de behandeling. Het is niet altijd mooi en terwijl het niet goed met hen gaat, zien zij er voor hun omgeving juist \\\'welvarend\\\' uit. De huid wordt vaak dunner, waardoor het de onderliggende weefsels minder goed beschermt. Hierdoor kunt u eerder last krijgen van blauwe plekken en streepvormige littekens (striae). Enige maanden na het stoppen met de behandeling moet de huid weer zijn normale dikte terughebben. De littekens verdwijnen niet meer. Andere effecten op de huid zijn dat wonden minder goed en minder snel genezen en dat er een verhoogde kans is op acne (jeugdpuistjes) en overmatige haargroei, vooral in het gezicht. Vermindering van de werking van de bijnierschors. Hier heeft u tijdens de behandeling geen last van, maar na het stoppen heeft uw bijnierschors tijd nodig om op gang te komen om weer zelf bijnierschorshormonen aan te maken. Dit kan een halfjaar duren. Moet u tijdens of binnen halfjaar na beëindiging van de behandeling een medische ingreep ondergaan? Vertel dan altijd dat u een bijnierschorshormoon gebruikt, of gebruikt heeft. Na operaties heeft uw lichaam extra bijnierschorshormoon nodig. Omdat uw bijnierschors deze op dit moment zelf niet kan aanmaken moet de dosering vaak worden aangepast. Na enkele maanden gebruik Dit is een gebruik van enkele maanden of meerdere kortdurende kuren met een hoge dosering achter elkaar. Bijvoorbeeld meer dan vier per jaar. De bijwerkingen kunnen na enkele maanden optreden, of pas na het stoppen met een langdurige behandeling. Ze komen meestal niet voor als u minder dan 7 mg per dag gebruikt. Verlies van botweefsel (osteoporose). De botten worden dan brozer, waardoor deze eerder breken. Vooral op oudere leeftijd zal het gebruik van bijnierschorshormonen het natuurlijke afbraakproces van de botten versterken. Maar ook wanneer u de bijnierschorshormonen op jonge of middelbare leeftijd gebruikt, heeft u op latere leeftijd meer kans op botontkalking. Het is daarom belangrijk tijdens het gebruik van de bijnierschorshormonen veel kalk te gebruiken (in de vorm van zuivelproducten of eventueel als tabletten). Ook lichaamsbeweging zorgt voor een actieve opbouw van de botten. Een blijvende vertroebeling van de ooglens (cataract) kan ontstaan. Neem contact op met uw arts als u veranderingen in uw gezichtsvermogen opmerkt. Bij ouderen en mensen met diabetes kan ouderdomsstaar wat eerder ontstaan dan normaal zou gebeuren. Ouderdomsstaar is een blijvende vertroebeling van de ooglens. Neem contact op met een oogarts als u wazig gaat zien en vermeld dan dat u een bijnierschorshormoon gebruikt. Het gezichtsvermogen kan met een bril vaak nog goed worden gecorrigeerd. Mocht na verloop van tijd het gezichtsvermogen te slecht zijn, dan is een lensoperatie nodig. Kinderen kunnen door het gebruik soms minder hard groeien. Het is daarom belangrijk dat een arts regelmatig de lichaamslengte en het lichaamsgewicht controleert. Als blijkt dat inderdaad groeivertraging optreedt, dan kan tijdig worden overwogen de behandeling te stoppen. (HK)

Vragen over ondervoeding bij kanker?

Heb je een vraag over ondervoeding bij kanker? Maak je je zorgen over eventuele ondervoeding bij jezelf of een naaste? Stel dan je vraag dan in de vraag- en antwoordrubriek Ondervoeding bij Kanker op Gezondheidsplein. Lisette van Os, diëtist bij stichting Malnucare, beantwoordt hier je vragen.

Stel je hier gratis je vraag!

Wist je dat?

Dossier vergoeding medicijnenBijna alle medicijnen  vergoed worden uit de basisverzekering? Maar wat betekent dan het preferentiebeleid en hoe werkt dat? En wie bepaalt eigenlijk wat er vergoed wordt? Dat en meer lees je in het dossier Vergoeding medicijnen op Gezondheidsplein. Ook komt aan bod wat het inhoudt als de verpakking van je gebruikelijke medicijn er opeens anders uitziet.